Inzichten uit de stakeholdersessie van het CEO-project bij Circuit, Kringwinkel Antwerpen. 

Op 24 oktober verzamelde een brede groep stakeholders uit de Vlaamse kantoormeubelsector zich bij Circuit van Kringwinkel Antwerpen voor een inspirerende voormiddag rond het Circular Economy Office-project (CEO). De sessie bood niet alleen een blik op de voortgang van het project, maar ook ruimte om samen te reflecteren over circulaire businessmodellen, marktkansen en aankoopgedrag. 

Een duurzame toekomst voor kantoormeubilair hangt niet alleen af van innovatief ontwerp, maar ook van de markt die het omarmt. Tijdens de sessie bij Circuit doken de deelnemers dieper in de dynamiek van vraag en aanbod, en in de manier waarop aankoopgedrag, aanbestedingen en regelgeving de circulaire transitie kunnen versnellen, of afremmen. 

Positieve signalen uit de markt 

Er klonken heel wat optimistische geluiden. Organisaties gebruiken vandaag minder kantooroppervlakte dan vroeger, wat de vraag naar flexibele en modulaire meubels versterkt. Ook het hergebruik van bestaand meubilair en materialen wordt steeds meer als troef gezien, net als maatwerk, zeker bij overheden en bedrijven met specifieke noden of wisselende samenwerkingen. 

Volledig circulair ontworpen meubels sluiten bovendien goed aan bij de duurzaamheidsdoelstellingen die steeds vaker in aankoopbeleid worden opgenomen. 

Een interessante trend is de groei van tijdelijke of modulaire kantooropstellingen, bijvoorbeeld bij verhuizingen of tijdelijke projecten. Overheden, die vaak beschikken over een grote vastgoedportefeuille en opslagruimte, zien in zulke oplossingen nieuwe flexibiliteit en efficiëntie

De realiteit van aankoopgedrag 

Toch zijn er nog hindernissen. Prijs blijft een doorslaggevende factor: circulaire oplossingen worden vaak als duurder ervaren dan nieuw meubilair, zeker bij kleinschalige productie. Daarnaast zorgen aanbestedingsprocedures voor complexiteit. Onder de drempel van €30.000 kan er snel worden gehandeld, maar daarboven volgen extra administratieve lasten. Circulariteit begint wel stilaan als criterium op te duiken, maar bevindt zich nog in een vroege integratiefase

Ook stockage en normering kwamen aan bod. Hoe makkelijk kunnen onderdelen tijdelijk worden opgeslagen? En hoe garandeer je dat circulaire meubels voldoen aan alle veiligheids- en kwaliteitsnormen (stabiliteit, ergonomie, gebruiksveiligheid)? 
Bij overheden is dat cruciaal: hun meubels worden vaak decennia gebruikt en moeten voldoen aan strenge criteria. 

Verder blijft de meubelmarkt sterk gestandaardiseerd, wat toetreding van circulaire spelers bemoeilijkt. Hier kan storytelling een sleutelrol spelen: door de herkomst, materialen en maatschappelijke meerwaarde van circulair meubilair zichtbaar te maken, groeit ook de bereidheid tot aankoop. 

Nieuwe pistes en experimenten 

Tijdens de rondetafel kwamen inspirerende voorstellen naar voren om die markt verder open te breken: 

  • Pilootprojecten waarbij circulaire meubels getest worden in echte gebruiksomgevingen (zoals scholen of creatieve werkplaatsen) — een waardevolle manier om ambassadeurs en feedback te creëren. 

  • Betrekken van preventieadviseurs al in de ontwerpfase, zodat meubels vanaf het begin voldoen aan veiligheids- en gebruiksrichtlijnen

  • In-huis productie bij steden met eigen werkplaatsen of timmerlui, die ontwerpen van ONBETAALBAAR kunnen aankopen en lokaal produceren met bestaande materialen. 

  • Samenwerkingen met sociale economie, voor zowel productie, onderhoud als herstelling — zo wordt circulair ook sociaal. 

  • Abonnementsformules als alternatief businessmodel: een vast maandbedrag voor gebruik, onderhoud, hergebruik en end-of-life take back, met behoud van de branding van de organisatie. 

Daarnaast kwamen ook technische normen en wetgeving ter sprake. De komende jaren zal de Europese Ecodesign for Sustainable Products Regulation (ESPR) steeds meer productgroepen raken, waaronder meubels. 
Vanaf 2026–2028 zullen Europese regels rond duurzaamheid, hergebruikbaarheid, gerecycled materiaal en reparatie gradueel verplicht worden. Het bijhorende Digital Product Passport (DPP) zal meubels voorzien van een digitale fiche met gegevens over materiaalherkomst, levensduur en herstelbaarheid - een grote stap naar transparantie. 

De circulaire klant van morgen 

De conclusie was duidelijk: de markt is in beweging, maar de transitie vraagt tijd, vertrouwen en demonstratieprojecten. Door reële gebruikssituaties te creëren, de juiste actoren te betrekken en economische drempels te verlagen, kan circulair meubilair evolueren van niche naar norm. 

Zoals één van de deelnemers het verwoordde: “Circulaire aankopen vragen vandaag nog lef, maar worden morgen gewoon de logische keuze.” 

De uitdaging ligt dus niet enkel in ontwerpen, maar in het bouwen van een markt die circulariteit waardeert, begrijpt en beloont. 

Meedoen?