Al gehoord van Waas Circulair, Circulaire Donderdagen of Cocon
Sint-Niklaas en Geraardsbergen brengen economie, samenleving en klimaat dichter bijeen in circulaire projecten. Hun tactiek toont aan dat circulair denken gemeenschappelijke projecten en tastbare resultaten oplevert. De VVSG en Vlaanderen Circulair spraken met de lokale besturen over drijfveren, werkwijze, realisaties en wat nog beter kan. 

Bij ons in Sint-Niklaas valt circulaire economie bewust onder economie en niet onder duurzaamheid. Dat stimuleert ook innovatie en die we hebben we heel hard nodig.

Annelies De Gendt

Steden en gemeenten zoeken innovatieve manieren om oplossingen te vinden voor moeilijke kwesties. De principes van de circulaire economie bieden daar veel mogelijkheden voor. Daar zijn ook Sint-Niklaas en Geraardsbergen van overtuigd; zij verwerken ze in meerdere doelstellingen.   

Voor Sint-Niklaas is circulaire economie een expliciet onderdeel van het economisch beleid. Carl Hanssens, schepen voor Stadsontwikkeling en Economie, beschouwt circulair werken als een strategische opgave: ‘De bedrijven in onze regio hebben veel interesse. Werkgelegenheid, materialen hergebruiken en omgaan met regelgeving die op ons afkomt. We moeten erop letten dat onze bedrijven kunnen groeien.’ Annelies De Gendt, adviseur circulaire economie, vult aan: ‘Bij ons valt circulaire economie bewust onder economie en niet onder duurzaamheid. Dat stimuleert ook innovatie en die we hebben we heel hard nodig. Het is geen doel op zich, eerder een middel om welvaart en echte verandering in de samenleving te realiseren, zonder materiaaldruk.’   

Circulariteit moet verbindend zijn voor Geraardsbergen, zowel ecologisch als sociaal en economisch. We zitten met een kwetsbare bevolking. Via de circulaire economie willen we bruggen naar werk slaan en kansarmoede helpen bestrijden.

Griet Blaton

In Geraardsbergen ligt de klemtoon anders: het sociale aspect weegt door. Griet Blaton, schepen voor Economie, Onderwijs en Participatie: ‘Circulariteit moet verbindend zijn voor onze stad, zowel ecologisch als sociaal en economisch. We zitten met een kwetsbare bevolking. Via de circulaire economie willen we bruggen naar werk slaan en kansarmoede helpen bestrijden.’ Dat doet Geraardsbergen onder andere via samenwerking met de Kringwinkels Zuid-Oost-Vlaanderen. Algemeen directeur Marc Baele: ‘We brengen goederen opnieuw in omloop met zo min mogelijk milieu-impact. En we organiseren projecten voor herstel van witgoed en hergebruik van onverkocht textiel.’ 

Onafhankelijkheid en weerbaarheid  

COCON_Annelies De Gendt & Carl Hanssens

Annelies De Gendt & Carl Hanssens in COCON

Onafhankelijkheid en weerbaarheid  

Recente geopolitieke ontwikkelingen tonen het belang van strategische onafhankelijkheid. Hanssens: ‘We hebben veel materialen nodig om onze welvaart te ondersteunen, maar die hebben we niet in Vlaanderen. Hergebruik maakt ons minder afhankelijk van landen als China, Amerika en Rusland.’  

Die onafhankelijkheid vertaalt zich in concrete projecten: de transformatie van oude fabriekspanden tot de sociaal-circulaire hub Cocon en de heraanleg van de Grote Markt. Allebei grotendeels tot stand gekomen met al beschikbare materialen. ‘Zulke projecten maken circulariteit aanschouwelijk, makkelijk om te vertellen,’ zegt Hanssens. ‘Als je aannemers expliciet vraagt om hierin mee te gaan, doen ze dat ook,’ vult De Gendt aan. ‘We moeten bedrijven aansporen om na te denken over hun werkwijze.’ 

Circulaire netwerkavond_Geraardsbergen

In Geraardsbergen was de ondernemersavond een eyeopener. Blaton: ‘Als stad ondersteunen we initiatieven die ondernemers bijeenbrengen en tot concrete initiatieven leiden. Inspirerend om te zien hoe het afval van de ene partij een grondstof wordt voor de andere, zoals de biomassahub van ILVA.’ Met steun van de provincie Oost-Vlaanderen vinden er in 2025 drie zulke avonden plaats.   

Beleidskeuzes vragen middelen 

Sint-Niklaas nam circulaire economie op in het bestuursakkoord en het beleidsprogramma. In november volgt de financiële vertaling in de meerjarenplanning. Geraardsbergen werkt nog aan zijn plan. Beide botsen op dezelfde beperking: gebrek aan bovenlokale steun. De steden zijn dankbaar voor de aanmoedigingen vanuit Vlaanderen en de bovenlokale samenwerking met de provincie Oost-Vlaanderen. Maar er is ook structurele financiering en herziene wetgeving nodig. De Gendt: ‘Circulaire gemeenten zijn van strategisch belang. Er zou meer aandacht naartoe moeten gaan. Ook op het vlak van communicatie, een campagne in de stijl van “Melk is goed voor elk”.’ 

Een lokaal bestuur heeft veel in handen, maar niet alles. Het kan bijvoorbeeld via zijn eigen aankoopbeleid dingen bereiken. Van Noten: ‘Wij zijn maar een kleine schakel en we worden overspoeld met werk dat vanuit Vlaanderen wordt doorgestuurd. Als het concreter wordt voor alle diensten en bedrijven, kunnen wij het makkelijker toepassen.’ 

Hanssens bevestigt: ‘Naarmate we meer kennis hebben, kunnen we die meegeven in alle domeinen. Maar we hebben middelen nodig en we verwachten hulp, onder andere van de Vlaamse overheid en de sectorfederaties.’ 

Auteurs

Elmar Willems  - Facilitator en programmaleider Lokaal Circulair Vlaanderen Circulair 

Elke de Taeye  - VVSG-stafmedewerker circulaire economie